WAT IS EEN CLOWN ?

Bij clowns denken we vaak aan de vrolijke geschminkte paljas, met rode neus en flapschoenen, die onhandig struikelend kinderen vermaakt met goocheltrucjes en ballonnen. Of aan de komische groteske figuren in het circus die, tussen het paardennummer en de acrobaten door, met gooi-en-smijtwerk, het publiek vermaken. Even heerlijk ontspannen lachen om deze anarchistische kinderlijke dwazen. En zeker.  Dit zijn clowns en velen verstaan hun vak.

 

Maar clownerie is meer. Naast clown Bassie , als bekend voorbeeld van de geschminkte kindervriend, of clown Popov, als bekend voorbeeld van de circusclown, kennen we nog andere clownpersonages. Zo kennen we allemaal Charley Chaplin, Laurel & Hardey en Buster Keaton. Komische personages uit het begin van de vorige eeuw. Ze hebben weliswaar geen rode neus en gebruiken geen schmink, maar toch zijn het, in mijn ogen, allemaal clowns. Hun geloofwaardige onhandigheid, geslepen onnozelheid, en doortrapte eenvoud hebben mij als kind,  zittend op de grond voor onze zwart-wit TV, vele malen doen schateren.  En ook nu nog kan ik smakelijk om deze helden van het zwart-witte doek lachen. En gelukkig houdt het bij hen niet op. In de jaren 70 lag ik in een deuk om de films van de Franse komiek Louis de Funes (op wie ik wel een beetje lijk) en daarna om de heerlijke Engelse dwazen van Monty Python en natuurlijk de onovertroffen mr.Bean! Hun humor is veelal fysiek, relativerend, tijdloos en universeel. En van alle culturen en achtergronden! Ik was meermaals in Afrika, Thailand en in Oezbekistan en ook daar kon men lachen om clowns.  Bij clowns is tekst is namelijk altijd secundair. Bij clowns gaat het niet om de humor van "de mind" (het hoofd) maar om de humor van het hele lichaam. Het fysieke. En alle mensen, in de hele wereld, hebben een lichaam! Dit in tegendeel tot de cabaretiers of de moppentappers. Die hebben weliswaar ook een lichaam , maar bij hen staat de tekst en de grapdichtheid centraal. Mind dus. Gedachten.  Hoofd. Bij clowns gaat het juist om het niet-denken.  Het "dom" zijn. Het gedachteloos zijn in het nu. Cabaretiers leveren vaak kritiek op de maatschappij of het leven en hun shows zijn meestal na een jaar al verouderd en niet meer om aan te horen. Maar clowns kunnen dezelfde act hun hele leven blijven spelen. Bij veel komieken echter zie je een mix tussen clownerie, zang en kleinkunst, en cabaret en ook daar is natuurlijk helemaal niks mis mee. Bekende mij aansprekende voorbeelden van cabaretiers die op een fantastische en geheel eigen manier clownerie gebruiken in hun shows zijn (waren)  Toon Hermans, Hans Teeuwen, Herman Finkers, Freek de Jonge, Herman van Veen, Bert Visscher en Jochem Meijer.  Weliswaar niet 100%, maar wel voor een heel groot deel: clowns. Vooruit.

 

We kunnen de klassieke clown onderverdelen in 5 categorieen:

  1. De August.De onnozele blije enthousiaste dombo. (blij)

  2. De Pierrot.De wat ijdele en soms ontroerende melancholicus. (verdriet)

  3. De tramp. De onaangepaste, verdwaasde zwerver. (bang)

  4. De fool.De volstrekt dwaze energieke, absurdistische en idiote anarchist. (boos) (Jango Edwards).

  5. De beschouwende clown. (stilte).De clown die alles vanuit verwondering beschouwt. (Monsieur Hulot van Jacques Tati. Toon Maas)

 

 

Maar er zijn nog meer vormen van clownerie. Als we het woord “clown” googelen komen we al snel terecht op duistere sites, met enge angstaanjagende figuren.  De horrorclown is nu niet bepaald een kindervriend. Hij is eerder het tegendeel. Met kettingzaag, hakbijl, en holle lach jaagt hij ons de stuipen op het lijf. Toch noemen wij ook deze types “clowns”.  In o.a. de films “IT” en “Joker”, uit de Batman reeks , maken wij met hen kennis. De "IT" clown is alleen maar naargeestig en ik kan daar niet naar kijken. Voor mij zijn horrorclowns geen clowns, maar galbakken. Nare, enge, gefrustreerde personages die wat mij betreft geen podium verdienen. Ze vertegenwoordigen het kwaad en de leegte. Het nihilisme. Naar de film “Joker” van regisseur Todd Philips en hoofdrolspeler Joaquin Phoenix, keek ik echter met andere ogen, omdat in deze film de gelaagdheid van de clown werd getoond. Hoe dwaasheid en een masker mensen, die uitgesloten en bespot worden,  in hun kracht kan zetten. Zeker.  Er zit een gevaarlijk en duister kantje aan de clown.  De clown die de randjes opzoekt, die shockeert, spot, ontregelt, aan het denken zet, "anders" is, de gevestigde kaders doorbreekt en de macht tart. Ook dit is zeker een kant die bij de clownerie hoort. In de klassieke clownerie wordt hij ook wel "de buffoon"of "de nar" genoemd. Zoals we weten had elke wijze Koning een nar, die hem de waarheid kon vertellen en hem (of haar) een spiegel voorhield. Hoe nodig is dat.  Dictators hebben en dulden geen nar.  Daar herkennen wij ze aan.

 

De tegenpool van de afgrijselijk horrorclown zien wij in de inmiddels algemeen bekende en geaccepteerde “cliniclown” of “contactclown”.  Deze clown probeert juist, met veel invoelingsvermogen, speelsheid en lichtheid plezier te brengen voor kinderen en ouderen die ziek zijn of zich anderszins in een moeilijke situatie bevinden. Door zich aan te passen aan het niveau en de situatie waarin het kind of de oudere zich bevind,  probeert zij, via verbeelding en spel, situaties te creeren waarin komische of anderszins abnormale taferelen kunnen ontstaan. Dit zorgt ervoor dat deze mensen even uit hun normale doen worden gehaald en dat ze voor even hun soms onaangename situatie vergeten. Niet de clown zelf staat centraal maar de ander. Dit vraagt een groot aanpassings- en inschattingsvermogen vermogen van de clown om situaties en mensen goed te kunnen lezen en in te schatten wat de situatie nodig heeft. Ook moet een cliniclown snel kunnen schakelen en improviseren omdat er ook vaak onverwachte dingen tijdens een bezoek gebeuren. Niet voor niets vragen CliniClowns tegenwoordig van hun acteurs een afgeronde theateropleiding, en volgt er daarna nog een gedegen interne training. Dat cliniclowns of contactclowns hun bestaansrecht hebben bewezen is inmiddels zonneklaar. Maar ook voor hen geld; alles staat of valt bij de kwaliteit van het ambacht. En clownerie, het lijkt simpel, maar het is wel een vak, waarin je je kunt ontwikkelen, groeien, leren en beter worden.